Een hoog cholesterol, wat zegt dat?

Risicofactor voor hart- en vaatziekten

Het is een standaard onderdeel van bijna iedere gezondheidscheck: het meten van het cholesterolgehalte. Cholesterol is een onmisbare stof voor het lichaam. Een te hoog cholesterolgehalte wordt echter gezien als een risicofactor voor hart- en vaatziekten. Waar ligt de grens?

Even een kleine opfrisser. Cholesterol is een vetachtig, lichaamseigen stof. Het is een bouwstof voor lichaamscellen en nodig voor de aanmaak van vitamine D en gal. De meeste cholesterol wordt door het lichaam zelf aangemaakt en wel in de lever. Daarnaast haalt ons lichaam het uit voeding.
In het ideale geval maakt het lichaam precies genoeg cholesterol aan, maar dat gebeurt niet altijd. Tel daarbij de ongezonde leefgewoontes van tegenwoordig bij op en een hoog cholesterolgehalte is een feit. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat 25 procent van de mensen tussen de 35 en 70 jaar een te hoog cholesterolgehalte heeft.

Wat is te hoog?

De hoeveelheid cholesterol wordt uitgedrukt in millimol per liter (mmol/l). In het algemeen wordt bij het totaal cholesterolgehalte de volgende indeling aangehouden:

Totaal cholesterolgehalte:
Het cholesterolgehalte is:
Lager dan 5 mmol/l is normaal
5,0 – 6,4 mmol/l is licht verhoogd
6,5 – 7,9 mmol/l is duidelijk verhoogd
Hoger dan 8,0 mmol/l is sterk verhoogd

LDL

Een hoog cholesterolgehalte is een risicofactor voor hart- en vaatziekten. Of, beter gezegd, een hoog LDL gehalte. Er zijn namelijk meerdere soorten cholesterol. LDL wordt het ‘slechte’ cholesterol genoemd. Deze zorgt voor het transport van cholesterol naar de cellen en spieren. Onderweg nestelt het zich gemakkelijk in de wanden van slagaders waardoor de slagaders kunnen vernauwen en dichtslibben. Dit proces heet slagaderverkalking. Hoe meer de slagaders vernauwd zijn, hoe groter het risico.

HDL

HDL noemen we ook wel het ‘goede cholesterol’. HDL transporteert het teveel aan LDL cholesterol naar de lever, waarna het via de darmen en de ontlasting het lichaam verlaat. Om het risico op hart- en vaatziekten vast te stellen, kijkt de arts niet alleen naar het totale cholesterolgehalte maar ook naar de verhouding tussen HDL en het totaal cholesterol (de ratio). Een hoog HDL gehalte is gunstig en een hoog LDL gehalte juist niet.

In balans

Een goede balans tussen LDL en HDL is dus belangrijk. Daar is een formule voor ontwikkeld: de cholesterolratio. Dit is het totale cholesterolgehalte gedeeld door het HDL-gehalte. Deze ratio kan worden verbeterd door een gezonde leefwijze met veel groente en fruit, weinig verzadigd vet, niet roken en voldoende beweging. Als dat niet voldoende helpt, dan kan de arts op basis van je persoonlijke risicoprofiel cholesterolverlagers (in de meeste gevallen statines) voorschijven.

Dit artikel is tot stand gekomen met medewerking van de Infolijn Hart en Vaten van de Hartstichting en De Hart&Vaatgroep.

 

 

Fibromyalgie: wekedelenreuma Leven met chronische spier- en gewrichtspijn

Fibromyalgie is een van de meer dan 100 reumatische aandoeningen en betekent letterlijk: pijn in spieren en bindweefsels. Het valt in de categorie wekedelenreuma, een vorm van reuma waaraan in Nederland 460.000 mensen lijden (TNO-rapport 2007).

Fibromyalgie is geen aandoening met een aanwijsbare oorzaak, maar een verzamelnaam van specifieke ziekteverschijnselen en klachten (een syndroom).

Symptomen fibromyalgie

Het kenmerkt zich door pijn in spieren en gewrichten, (ochtend)stijfheid en chronische vermoeidheid. Fibromyalgie is geen ontsteking en geen slijtage, en niet zichtbaar bij beeldvormend onderzoek. De stekende, brandende, zeurende pijn bij fibromyalgie kan sterk wisselen in hevigheid, plaats en duur. Soms treft het de knieën, dan weer de nek- en schouderpartij, weken later zit de pijn ineens in de heupen. Naast pijn is het vooral de vermoeidheid die mensen met fibromyalgie in hun dagelijks functioneren belemmert. De meest voorkomende klachten zijn:

  • spierpijn en (ochtend)stijfheid
  • pijn in de weke delen rondom gewrichten (bindweefsel, aanhechting pezen)
  • ernstige vermoeidheid
  • neerslachtigheid
  • slecht slapen
  • krachtverlies, zwaar gevoel, tintelingen in armen of benen
  • opgezette vingers
  • hoofdpijn
  • concentratiestoornissen
  • darmklachten, buikpijn

Oorzaak van de ziekte

Fibromyalgie heeft geen aanwijsbare oorzaak en beschrijft slechts de situatie: pijn in spieren en bindweefsels. Er bestaan wel enkele theorieën over het ontstaan van de klachten:

  • Pijn wordt anders ervaren: uit hersenonderzoek is gebleken dat fibromyalgiepatiënten een andere verwerking van pijnprikkels hebben.
  • Verstoring in de werking van hormonen en neurotransmitters door overmatige blootstelling aan stress en spanning (overprikkeling). Bijvoorbeeld van het hormoon serotonine, dat een rol speelt bij pijnbeleving, het gevoel van welbevinden en de afgifte van het slaaphormoon melatonine.
  • Gewoonlijk herstelt het lichaam zich ’s nachts. Fibromyalgiepatiënten slapen vaak slecht (door pijn, ongemak), waardoor hun lichaam onvoldoende tot herstel komt.

Diagnose fibromyalgie

Iedereen heeft wel eens spierpijn, en we zijn allemaal wel eens moe of sip. Wanneer er echter sprake is van langdurige pijnklachten (langer dan 6 maanden) over het lichaam verspreid (in linker- en/of rechterhelft, boven- en/of onderlichaam), is het verstandig dit met de huisarts of een reumatoloog te bespreken.

Na een uitgebreid vraaggesprek over je klachten en bevindingen zal een lichamelijk onderzoek plaatsvinden, waarin onder andere de tenderpoints worden gecontroleerd. Dit zijn 18 pijnpunten over het lichaam verspreid waarop, op basis van internationale afspraken, de diagnose fibromyalgie mag worden gesteld. Ook het uitsluiten van andere lichamelijke oorzaken en eventueel aanvullend bloed- of urineonderzoek horen bij het stellen van een correcte diagnose.

Behandeling fibromyalgie

Omdat er geen aanwijsbare oorzaak is, bestaat de behandeling voornamelijk uit symptoombestrijding:

  • pijnmedicatie (bij voorkeur paracetamol, soms NSAID, maar deze behoeven een maagbeschermer, in uiterste gevallen plaatselijke verdoving of opiaten)
  • eventueel slaapmedicatie (melatonine) of een licht antidepressivum (Amitriptyline)
  • dagelijkse beweging om het lichaam soepel te houden
  • milde sporten, zoals wandelen, zwemmen, fietsen
  • fysiotherapie, ergotherapie, Cesartherapie
  • balans tussen activiteit en rust
  • aanpassing in leefstijl
  • begeleiding reumaverpleegkundige
  • Andere vormen van hulp

Naast het standaard behandelplan zijn er nog andere behandelvormen mogelijk. Denk hierbij aan:

  • het volgen van een multidisciplinair programma (beweging/advies/therapie)
  • aangepaste fitness- en sportprogramma’s
  • ondersteuning van een mental coach en/of psychologische begeleiding
  • een cursus yoga, meditatie, mindfulness
  • ondersteuning met voedingssupplementen, glucosamine en omega-3 vetzuren
  • alternatieve behandelingen met homeopathie, acupunctuur, infrarood, kuren, tai-chi, voetreflextherapie, magnetisme, etc.

Tips

  • Door een agenda of dagboekje bij te houden, kun je je activiteiten in kaart brengen en zien waar het zwaartepunt ligt. Stel dit eventueel bij.
  • Blijf bewegen: je ‘smeert’ als het ware je gewrichten en dit komt de pijn ten goede.
  • Beter een uurtje rusten voordat je een zware inspanning verricht, dan achteraf een pijnstiller nemen.
  • Slecht slapen? Maak ’s avonds een wandeling in de buitenlucht, drink warme melk, neem in overleg eventueel extra paracetamol voor de nacht of melatonine.
  • Zoek bij pijn naar optimale omstandigheden; dit kan beweging zijn of juist rust, warmte, ontspanning, afleiding (hobby), yoga/meditatie.
  • Valeriaan helpt bij spanning, nervositeit en slapeloosheid.
  • Leer jezelf in acht nemen, leer nee zeggen en leer hulp aanvaarden.

Bron: Reumafonds

De lichamelijke reactie op stress

Het zweet breekt je uit, de vlinders rommelen in je buik en je hart klopt in je keel. Stress ervaar je niet alleen in je hoofd, maar ook in je lijf. De oorspronkelijke stressreactie van het lichaam is heel gezond, maar wanneer het lichaam langdurig stress ervaart kan het misgaan.

Stress is de reactie van het lichaam op een bedreigende situatie. Of iets stressvol is hangt af van hoe iemand een situatie inschat en van de middelen waar over iemand beschikt om met de situatie om te gaan. Voor de een is presenteren voor 100 man een hobby, terwijl een ander er nachtenlang van wakker kan liggen.

Zodra er sprake is van een stressvolle situatie zorgen onze hersenen ervoor dat er twee systemen in werking worden gesteld. Allereerst wordt het lichaam in een staat van paraatheid gebracht door het sympathische zenuwstelsel. De hormonen adrenaline en noradrenaline komen vrij en het lichaam is klaar voor de ‘vecht- of vluchtreactie’, hierdoor:

  • gaat de bloeddruk omhoog
  • stijgt de hartslag
  • stroomt er zuurstofrijk bloed naar de spieren, het hart en de hersenen (en minder naar de andere organen)
  • spannen de spieren zich aan
  • verwijden de longblaasjes zich en wordt de ademhaling sneller
  • trekt het bloed weg uit het gezicht
  • gaat de spijsvertering op een laag pitje (vlinders in de buik)
  • breekt het zweet je uit

Kortom het lichaam is klaar voor actie. Het systeem is zo afgesteld dat het liever te vaak afgaat dan te weinig. Het is beter om ons negen van de tien keer onnodig gestrest te maken, dan dat het lichaam een keer laks reageert.

<h3>Stresshormoon</h3>
Na enkele minuten geeft de hypofyse de bijnieren de opdracht om cortisol te gaan produceren. Dit is het tweede systeem dat in werking wordt gesteld. Cortisol is beter bekend als het stresshormoon en heeft daardoor een slechte naam. Toch speelt het hormoon een belangrijke rol in de stressreactie. Het laat bijvoorbeeld de bloedsuikerspiegel stijgen en zorgt ervoor dat de stofwisseling wat harder werkt. Daardoor komt er meer energie vrij om met de stress situatie om te gaan.

<h3>Gezond</h3>
Stress is een hele natuurlijke, en ook gezonde reactie van het lichaam. Iedereen krijgt dagelijks wel te maken met een vorm van stress. Op het werk helpt gezonde stress je om goed te presteren. Het maakt je alert, geconcentreerd en efficiënt. Ook met de spanning die je voelt tijdens een sportwedstrijd of als je een auto-ongeluk net weet te voorkomen is niets mis.
De stressreactie van lichaam zorgt ervoor dat we in noodsituaties goed kunnen handelen, maar deze reactie beperkt zich tegenwoordig niet meer tot het voorkomen dat je onder een bus komt of wordt opgegeten door een leeuw. We reageren nu ook meer op bedreigingen van psychische aard. En als dat ook tijdelijke stress zou zijn, is dat helemaal niet erg. Maar meestal is deze stress langdurig van aard.

<h3>Ongezond</h3>
Wanneer stress langdurig aanwezig is of wanneer het lichaam te heftig reageert op een stressvolle situatie kan dit leiden tot problemen. Als de stress lang duurt, is er meer tijd nodig om te herstellen. Ditzelfde geldt voor hevige reacties. Bij veel momenten van stress heeft het lichaam te weinig tijd voor het herstel, waardoor de stress opstapelt. Dan is er sprake van ongezonde stress, waardoor allerlei klachten kunnen ontstaan.
Van lichamelijke klachten als een verhoogde bloeddruk, hoofdpijn en slapeloosheid tot psychische klachten als prikkelbaarheid, depressiviteit en besluiteloosheid. Bij ongezonde stress ontstaat vaak ook ander gedrag. Sommige mensen vluchten in eten, sigaretten of drank. Anderen gaan meer praten, worden cynisch of krijgen last van concentratieproblemen. Stressklachten zijn vaak in eerste instantie waarschuwingssignalen: voorbodes van bijvoorbeeld een burn-out.

Bron(nen): Psychologie Magazine Infonu: Mens en Gezondheid Fonds Psychische Gezondheid

 

5 signalen dat je te weining drinkt

Wanneer kun je wel een glas water gebruiken?

Volwassenen hebben dagelijks ongeveer 1,5 liter vocht uit dranken nodig. Waarschijnlijk houd je niet precies bij hoeveel je drinkt. Deze vijf signalen waarschuwen ervoor dat je wel een extra glas water kunt gebruiken.

Hoe zit het ook alweer: volwassenen hebben gemiddeld elke dag 2,8 liter vocht nodig. Zo’n 300 milliliter komt vrij bij allerlei processen in je lichaam. Daarnaast haal je een liter uit je voeding. Dan blijft er nog 1,5 liter over die je via dorstlessers binnen moet zien te krijgen.
Je hoeft niet alleen maar water te drinken. Koffie, thee en andere dranken tellen ook mee. Frisdrank en vruchtensap bevatten veel suiker en vergroten daarom het risico op diabetes type 2 en overgewicht. Het Voedingscentrum adviseert dan ook om zo weinig mogelijk voor limonade, frisdrank en sapjes te kiezen. Gewoon kraanwater is ideaal. Het is goedkoop, er zitten geen calorieën in en het is overal verkrijgbaar.

Deze signalen kunnen erop wijzen dat je te weinig drinkt:

1. Weinig naar de wc hoeven

Een normale plasfrequentie is overdag zo’n vijf tot zeven keer naar de wc gaan en ’s nachts misschien nog een keer. Uiteraard verschilt het precieze aantal toiletbezoeken per persoon en zul je vaker moeten plassen als je heel veel drinkt.
Zit je maar twee keer per dag op het toilet? Denk je aan het eind van je werkdag “Goh, ik ben vandaag nog helemaal niet naar de wc geweest?” Dan drink je te weinig.

2. Donkere urine

Urine ziet er als het goed is helder en licht- tot felgeel uit. Drink je grote hoeveelheden water, dan worden de kleurstoffen in je urine verdund, waardoor je plas heel lichtgeel tot waterachtig van kleur wordt.
Drink je juist heel weinig, dan zit er minder vocht in je urine en is deze geconcentreerder, wat de plas donkergeel tot oranje maakt. Waarschijnlijk zie je verschil tussen de kleur van je ochtendurine en en de kleur van je plas in de loop van de dag. Ochtendurine is geconcentreerder en dus donkerder omdat je ’s nachts niet drinkt, maar wel transpireert. Is je urine gedurende de dag ook aan de donkere kant, dan moet je wat meer drinken.

3. Obstipatie

In de dikke darm wordt vocht onttrokken aan je ontlasting. Blijft ontlasting te lang in je dikke darm zitten, dan wordt deze hard en droog en kan poepen lastig en pijnlijk zijn. Heb je last van obstipatie, dan heeft dat vaak te maken met je eet- én drinkgewoontes.
Voor een soepele stoelgang heb je namelijk voldoende vezels nodig. Deze nemen als een spons water op en houden de ontlasting zacht. Dat kunnen ze alleen goed doen als je voldoende vocht binnenkrijgt. Obstipatie kan dan ook een teken zijn dat je te weinig drinkt.

4. Trek in eten

Je lichaam kan honger en dorst niet altijd goed van elkaar onderscheiden. Het kan daardoor zo zijn dat je trek hebt, terwijl je eigenlijk voldoende gegeten hebt.
Heb je telkens zin in iets te eten? Mogelijk heb je een vochttekort. Drink voordat je naar een snack grijpt eerst een groot glas water en wacht een kwartiertje. Waarschijnlijk is je trek daarna verdwenen.

5. Hoofdpijn, moe, duizelig

Een vochttekort kan leiden tot hoofdpijn, vermoeidheid en concentratieproblemen. Of je wordt beetje duizelig als je opstaat. Als je echt uitgedroogd bent, kun je zelfs flauwvallen en je lusteloos en verward voelen.
Andere verschijnselen bij uitdroging zijn dorst, een droge mond, dieper liggende ogen, een snelle ademhaling en hartslag en koude armen en benen. Je kunt uitdrogen als je waterdunne diarree hebt en te weinig drinkt. Gezonde volwassenen drogen niet zo maar uit, maar 70-plussers en kinderen tot 2 jaar lopen sneller risico op uitdroging als ze diarree hebben.
Zou jij wel wat meer water mogen drinken? Zo doe je dat op een makkelijke manier.

 

Bron(nen): VU medisch centrum, Maag Lever Darm Stichting, WebMD, gezondheidsnet

 

 

 

 

 

 

Waarom je veel vaker even een rondje om moet

Minder stress, veel creatiever en productiever

Dagelijks minimaal twee uur en liever nog wat langer naar buiten en wandelen, dat lukt weinig mensen. Terwijl het juist zo goed en gezond voor je is. Pas dus vandaag je leefstijl nog aan en ga regelmatig een rondje om. Want lopen en de natuur in gaan is goed voor je. Zo bevordert het je concentratievermogen en helpt het tegen stress. En daarnaast is het ook nog eens goed voor je humeur. Zelfs na vijf minuten al!

Een grote groep mensen komt maar weinig buiten. Ze stappen in de auto naar het werk om daar vervolgens acht uur lang binnen te blijven en veelal te zitten. Dit terwijl regelmatig lopen en bewegen zoveel positieve effecten heeft. Zoals deze drie bijvoorbeeld:
Lopen bevordert je creativiteit
Uit onderzoek van wetenschappers van Stanford Graduate School of Education is gebleken dat lopen goed is voor de creativiteit en zorgt voor inspiratie. Dus zit je al dagen achter je bureau te piekeren over iets? Een wandeling kan er voor zorgen dat je in ene wel een oplossing ziet. Volgens de uitkomsten van het Stanford-onderzoek steeg de creativiteit van mensen die gingen lopen zelfs met gemiddeld 60 procent.

Lopen verlaagt je stressgevoel
Als je het druk hebt of last hebt van veel spanning en stress kun je behoorlijk opknappen van een wandeling in de natuur. Wist je dat de eerste vijf minuten van een bezoek in de natuur zorgen voor de grootste verbetering in gevoelsstemming? Dit ontdekten wetenschappers van de universiteit van Essex. En niet alleen op de korte termijn heeft bewegen een positief effect op de gezondheid, maar ook op de lange termijn.
Lopen verhoogt je productiviteit
En er is nog een reden om wat vaker ‘de benenwagen’ te nemen. Het verhoogt namelijk je productiviteit aanzienlijk. Een bepaald deel van je hersenen, de prefrontale cortex, wordt actiever als je gaat wandelen. Dit deel is verantwoordelijk voor cognitieve, emotionele en motivationele processen, zoals plannen, impulsbeheersing en doelgericht handelen. Heel belangrijk voor de productiviteit.
Nu je dit gelezen hebt, maar snel aan de wandel dus…

Bron: gezondheidsnet

Afvallen? Vergeet de vitaminen niet!

Hoe zorg je ervoor dat je lijf krijgt wat het nodig heeft?

 

 

 

 

 

 

 

 

Een extra vetrolletje, een broek die te strak zit: na de culinaire overdaad van de feestdagen mag er wel weer wat af. Dat wordt lijnen. Hoe zorg je ervoor dat je lijf krijgt wat het nodig heeft?

Vitamine A

Wat doet het? Vitamine A houdt je huid, haren en afweersysteem in conditie en zorgt ervoor dat je ogen zich kunnen aanpassen aan het schemerdonker. Waar zit het in? Vooral in vetrijke dierlijke producten, zoals (half)volle melk, room­boter en margarine. Laat je die voedingsmiddelen langere tijd staan, dan kun je een tekort oplopen. Hoe krijg je voldoende binnen als je lijnt? Eet veel groenten en fruit. Spinazie, kool, bananen en oranje groenten en fruit (zoals wortelen, mango en mandarijnen) bevatten veel bèta­caroteen, een stof die je lijf omzet in vitamine A. Je kunt ook nu en dan een boterham met leverworst of paté eten. Daarmee krijg je ruim de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) vitamine A binnen. Voor vrouwen is de ADH 700 microgram, voor mannen 900 microgram (mcg of µg). Pas op met supplementen: langdurig te veel vitamine A (meer dan 3000 mcg per dag) is schadelijk.

Vitamine D

Wat doet het? Vitamine D zorgt ervoor dat je calcium uit de voeding kunt opnemen. Het is onmisbaar voor sterke botten en tanden, het afweersysteem en de spieren. Waar zit het in? Vooral in vette vis (zoals haring, makreel en zalm), vlees, eieren, halvarine, margarine en braadproducten. Ook maakt de huid vitamine D aan in zonlicht. Hoe krijg je voldoende binnen als je lijnt? 50-plussers hebben sowieso meer vitamine D nodig. Als je dan ook nog op rantsoen bent, moet je oppassen voor een gebrek. Het Voedingscentrum adviseert vrouwen boven de 50 jaar en mannen boven de 70 jaar een vitamine D-supplement te slikken. Tussen de 50 en 70 jaar is een supplement van 10 microgram per dag voldoende, daarboven 20 microgram.

Calcium

Wat doet het? Calcium heb je nodig voor de opbouw en het onderhoud van botten en spieren. Het helpt botontkalking (osteoporose) te voorkomen. Ook is het betrokken bij de bloedstolling en het transport van mineralen in het lichaam. Waar zit het in? Melk en zuivel zijn de belangrijkste leveranciers. De kans op een tekort is groot als je deze producten langere tijd niet eet. Hoe krijg je voldoende binnen als je lijnt? Eet veel groene bladgroenten zoals broccoli, boerenkool en Chinese kool. Andere bronnen zijn plantaardige zuivelvervangers met toegevoegd calcium. Ook in noten, peulvruchten, bessen en eigeel zit calcium. Eet ook voldoende producten met vitamine D; je lijf kan dan het calcium beter opnemen. Supplementen met meer dan 500 mg calcium per dag vergroten mogelijk de kans op hart en vaatziekten.
Magnesium
Wat doet het? Magnesium speelt een belangrijke rol bij de werking van spieren en zenuwen.
Waar zit het in? Brood, graanproducten, zuivel, noten, vlees, spinazie en andere bladgroenten. Eet je dit niet, dan kun je te weinig magnesium binnenkrijgen. Pas extra op als je medicijnen slikt die het magnesiumgehalte in je bloed verlagen, zoals plastabletten of maagbeschermers. Hoe krijg je voldoende binnen als je lijnt? Een tekort komt niet vaak voor. Wil je om af te vallen geen voedingsmiddelen eten die magnesium bevatten? Eet dan in ieder geval wel veel bladgroenten, bijvoorbeeld geblancheerd.

Eiwitten

Wat doen ze? Naast de opbouw van onze spieren zijn eiwitten ook betrokken bij de aanmaak van botweefsel en bloed, en bij allerlei regelprocessen in het lichaam. Waar zit het in? Vlees, vis, eieren, zuivel, vleesvervangers, peulvruchten en noten. Hoe krijg je voldoende binnen als je lijnt? Je kunt afvallen door van álles minder te eten, maar zorg wel dat je voldoende eiwitten binnenkrijgt, anders boet je in op spiermassa en spierkracht. Dat kan ook met dranken, maaltijden of snacks met extra eiwitten. Gezonde mensen hebben per kilo lichaamsgewicht 0,8 gram eiwit per dag nodig. Als je 70 kilo weegt is dat 56 gram eiwitten per dag.

Voedingsvezels

Wat doen ze? Vezels zijn belangrijk voor een goede darmwerking en helpen verstopping te voorkomen. Waar zit het in? Fruit, groenten, peulvruchten en volkoren graanproducten. Hoe krijg je voldoende binnen als je lijnt? Slechts 10 procent van de Nederlanders eet voldoende vezels: 30 tot 40 gram per dag. Bij sommige diëten staan veel eiwitrijke producten op het menu (zoals vlees en zuivel) en maar weinig fruit en granen. Hierdoor kun je te weinig voedingsvezels binnenkrijgen. Het beste is zo veel mogelijk verschillende vezelrijke voedingsmiddelen te eten.

Met dank aan Astrid Postma-Smeets (Voedingscentrum).

Athleta Projecten opent Bodytec Drachten

Fit en slank in 20 minuten

 

Het goede nieuws is dat dit echt bestaat! Met 1 work-out van 20 minuten 1 keer per week merk je dat je spieren sterker worden en jij fitter. Personal coach Hannes de Boer: ‘Om fit en vitaal te worden hoef je echt niet dagelijks intensief te trainen. Tijdens de laagdrempelige Bodytec-training zorgt ‘elektrospierstimulatie’, EMS, ervoor dat je alle belangrijke spiergroepen, armen, benen, billen, buik, borst en de hele rug, gelijktijdig en daardoor efficiënt traint. Een sessie van 20 minuten staat qua effectiviteit gelijk aan drie uur krachttraining in de sportschool. Het is dan ook een energieke en krachtige work-out!’

Meer resultaat in minder tijd’ klinkt bijna te goed om waar te zijn

Misschien denk je nu: Maar ga ik dit wel volhouden? Hannes: ‘Ik kan me voorstellen dat je dit denkt als je bijvoorbeeld weinig sportdiscipline hebt. Omdat je persoonlijk wordt begeleid en altijd op afspraak, heb je een goede stok achter de deur! En omdat het je per keer maar een halfuur kost, is het heel goed te doen wanneer je niet zoveel motivatie of tijd hebt. Het is ook heel goed te combineren als extra training naast een andere sport die je uitoefent.’

Vitaal door lifestyle coaching

Iedereen wil zich gezond en vitaal voelen. Toch worstelen veel mensen met overgewicht en denken ze dat gezondheid en vitaliteit alleen te behalen is met veel sporten, een dieet en gezonde voeding. Deze gedachte klopt niet helemaal. Je hoeft geen sportfanaat te zijn om je gezond te voelen. Vitaliteit is een leefstijl, een basis om gezond te blijven en energiek te zijn. Het is een mix van voldoende beweging, ontspanning, gezonde voeding, voldoende rust en slaap, niet roken en geen alcohol. En dan niet gedurende een paar weken, maar de rest van je leven! Door samen met een coach aan jouw doelen te werken, bereik je wél datgene wat je voor ogen hebt en zul je ervaren dat ook jij het kunt. Hannes de Boer helpt jou graag middels een planmatige en praktische werkwijze met als basis jouw karakter, dagelijkse ritme en behoeften, en waar nodig een duwtje in de rug. Jij bent het startpunt en Hannes stemt daar de aanpak op af.

Breed inzetbaar

Nieuwe leden zijn allemaal ontzettend verrast over de resultaten en positieve effecten van Miha Bodytec. Deze work-out is dan ook breed inzetbaar: van zeer fitte personen tot mensen met bewegingsklachten. Jong en oud. Er zijn zelfs mensen boven de 80 jaar die Bodyteccen!

Athleta Projecten

Hannes de Boer
Fluessen 111
9204 HT Drachten
06-41818000
hannes@athleta-projecten.nl

www.athleta-projecten.nl

Bodytec Drachten
Zuiderdwarsvaart 2
9203 HZ Drachten
06-41818000
info@bodytecdrachten.nl
www.bodytecdrachten.nl

Dit is wat alkohol met je doet

 

 

“Alcohol is gezond”. “Na het werk heb ik wel een wijntje verdiend.” “Alcohol helpt mij om te ontspannen”. “Het is zo gezellig”. Dat zijn zomaar wat uitspraken van fervente drankliefhebbers. Vanwege het verdovende, gelukmakende en kalmerende effect van alcohol, is het een veelgebruikt genotmiddel. Maar wist jij dat een alcoholvrije maand, of zelfs helemaal geen alcohol meer drinken, jou verrassend veel belangrijkere voordelen biedt?

Meer efficiënte dagen

Een gezellig avondje “doorzakken” zorgt ervoor dat je de dag erna met hoofdpijn wakker wordt, moeilijker uit bed komt en moet “uitbrakken”. Nadenken en “doen wat je moet doen”, is lastiger dan anders. Het slurpt energie. Uit cijfers van het RIVM blijkt zelfs dat mensen vanwege een kater gemiddeld tweeëneenhalve werkdag per jaar minder effectief zijn. Bovendien brengen onoplettendheid en dufheid grote risico’s (bedrijfsongevallen) met zich mee. Ook de schade als het gevolg van verzuim door ziekten die samenhangen met alcoholgebruik is groot. Geen alcohol meer drinken heeft direct effect. Je vergooit minder van je tijd en je houdt meer efficiënte dagen, energie en veilige omstandigheden over.

Betere slaapkwaliteit

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat “een slaapmutsje nemen” ervoor zorgt dat je sneller in slaap valt dan zonder slaapmutsje. Ook zou je gedurende de eerste helft van de nacht in een diepere slaapfase verkeren. Echter, zodra na een paar uur de alcohol door jouw lichaam afgebroken is, gaat jouw slaap over in een lichtere slaap en verander je vaker van slaapfases. Hierdoor slaap je onrustiger en kun je vaker wakker worden. Alcohol heeft dus voornamelijk een effect op de slaapkwaliteit tijdens de tweede helft van de nacht. De dag erna kun je je slaperiger, energieloos en minder alert voelen. Goed nieuws: als je niet afhankelijk bent van alcohol, kunnen een paar alcoholvrije dagen en nachten er al voor zorgen dat de slaapkwaliteit terugkeert naar de slaapkwaliteit die je altijd gewend was. Voor degenen die wel een alcoholafhankelijk probleem hebben, kunnen er echter (naast enkele verbeteringen) nog jarenlang slaapproblemen blijven bestaan.

Minder last van maagzuur

Zowel een matig als hoog alcoholgebruik kan brandend maagzuur veroorzaken of verergeren. Alcoholgebruik verlaagt de druk in de bovenste en onderste sluitspieren van de slokdarm. Ook neemt de beweeglijkheid van de slokdarm af. Hierdoor is na alcoholgebruik de kans groter dat maagzuur omhoogkomt via de slokdarm. Dit voelt onprettig en het kan de cellaag van de slokdarm beschadigen. Een (tijdelijke) alcoholstop geeft de slokdarm rust, waardoor klachten verminderen.

Grotere kans op een gezond lichaamsgewicht

Alcohol draagt bij aan de energie-inname. Een glas rode wijn levert al gauw honderdtwintig kilocalorieën. Dit is vergelijkbaar met het aantal kilocalorieën in een belegde boterham. Tijdens een gezellig avondje kun je dus aardig wat “belegde boterhammen” opdrinken. Bovendien vergroot alcoholconsumptie de eetlust. In combinatie met het grote aantal lekkernijen tijdens sociale aangelegenheden, kan dit ertoe leiden dat je te veel gaat eten. Hierdoor kom je in een positieve energiebalans terecht (meer kilocalorieën binnenkrijgen dan je nodig hebt), waardoor je aankomt. Wie een alcoholvrije maand inlast, en de energie-inname niet compenseert door meer te eten en/of (alcoholvrij) te drinken, kan maar liefst een paar kilo afvallen.

Kleinere kans op chronische ziekten

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat een dagelijkse matige alcoholconsumptie het risico verlaagd op: totale sterfte, coronaire hartziekten, beroerte, hartfalen, diabetes mellitus type II en dementie. Dat wil echter niet zeggen dat we nu massaal alcohol moeten gaan drinken. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt namelijk ook dat een dagelijkse alcoholconsumptie van een half tot anderhalf glas het risico op borstkanker vergroot ten opzichte van minder dan een half glas alcohol. Bovendien vergroot een hogere alcoholconsumptie het risico op darmkanker en beroerte ten opzichte van een lagere alcoholconsumptie. De Gezondheidsraad adviseert daarom om bij voorkeur geen alcohol te drinken of in ieder geval niet meer dan één glas per dag. Wie de kans op chronische ziekten wil verkleinen, kan dit het best bewerkstelligen door er een gezonde leefstijl op na te houden. Wist jij bijvoorbeeld dat een alcoholvrije periode van ten minste zeven dagen, maar bij voorkeur een paar weken, al de bloeddruk verlaagt? Dit kan ook gebeuren als je een normale bloeddruk hebt.

Gezondere leverwaarden

Dat overmatig alcoholgebruik tot levercirrose kan leiden, is al langere tijd bekend. Het effect van matig alcoholgebruik op de leverwaarden is daarentegen minder goed onderzocht. In januari 2017 hebben onderzoekers van het Radboudumc dit kleinschalig onderzocht, in samenwerking met De Kennis Van Nu. Aan veertien proefpersonen werd gevraagd om gedurende één maand geen alcohol te drinken. Na deze maand was het buikvet van de alcoholonthouders afgenomen. Ook de cholesterolwaarden en de bloedwaarden die wijzen op geprikkelde, vervallen levercellen daalden. In een aantal alcoholonthouders daalde zelfs het levervet. Uit dit onderzoek kan dus met enige voorzichtigheid geconcludeerd worden dat een alcoholvrije maand positieve effecten heeft op de leverwaarden. Er is echter meer onderzoek nodig om hierover met zekerheid iets te kunnen concluderen.

Kleinere kans op gewenning

Regelmatig alcoholgebruik (ook kleinere hoeveelheden alcohol) kan leiden tot gewenning en alcoholafhankelijkheid. Dit ontstaat heel geleidelijk. Uit gewoonte drinken en hunkering naar alcohol kunnen ertoe leiden dat je steeds meer gaat drinken om hetzelfde kalmerende effect te bewerkstelligen. De mensen die hierop een verhoogd risico hebben, zijn mensen met: een genetische aanleg, afhankelijke persoonlijkheidstrekken, een negatief zelfbeeld, beperkte coping skills voor het omgaan met stress en een sociale omgeving waarin veel alcohol wordt gedronken. Alcoholafhankelijkheid leidt tot beschadiging van organen, bloedvaten, de hersenen en perifere zenuwen. Ook is de kans op psychische stoornissen vergroot (depressie, angststoornissen en slaapstoornissen). Als je je bewust bent van jouw alcoholgebruik, kun je proberen jouw gewoontes te doorbreken en nieuwe gewoontes aanleren. Dit kost tijd en aandacht, maar het levert jou op de lange termijn meer op dan de kortstondige effecten van alcohol.

Conclusie

Geen alcohol drinken draagt bij aan efficiëntere dagen, een betere nachtrust, minder maagzuur, een gezonder lichaamsgewicht en een kleinere kans op chronische ziekten en gewenning. Wil je toch af en toe met vrienden en/of familie iets ‘leuks’ drinken? Dan zijn er ook alcoholvrije alternatieven verkrijgbaar (zoals alcoholvrije cocktails).

Bronnen

 

 

 

Wat kun je eten voor en na het sporten?

Eten rond sportmomenten

Sporten en eten, het is soms een heel gepuzzel. Wat doe je als je wilt afvallen, maar je van sporten heel veel honger krijgt? Wat eet je voor de training? En welke snack is perfect voor na het sporten?

1. Havermoutpap

Havermoutpap is perfect voor sporters. De koolhydraten uit de havermout komen langzaam beschikbaar voor je spieren en de pap levert je (als je melk gebruikt) ook eiwitten. Bovendien is havermoutpap lekker snel klaar. Voeg lekker nog wat vers fruit toe en je hebt een compleet ontbijt. Eet de pap ongeveer 1 à 2 uur voordat je gaat sporten. De spijsvertering vraagt energie van je lichaam. Sporten en eten verteren gaan moeilijk samen, omdat de spieren tijdens het sporten ook veel energie vragen.

Wanneer: als stevig ontbijt, 1 à 2 uur voor de training.

2. Gekookt eitje

Eieren zijn fantastisch sportvoedsel: rijk aan eiwitten, vitamines en mineralen. Ideaal om je spieropbouw mee te stimuleren na een krachttraining. Eventueel kun je er een volkoren cracker of boterham bij eten, zeker als je hard hebt getraind.

Wanneer: snack na een krachttraining.

3. Kwark met banaan en wat nootjes

Kwark is heel rijk aan eiwitten en de banaan levert je de koolhydraten die je lichaam snel kan gebruiken voor de sportieve inspanning. Na de training zorgen de koolhydraten ervoor dat je energievoorraden weer worden aangevuld. Bananen zijn trouwens ook heel goed als snack tijdens het sporten! De nootjes leveren je wat extra vetten en energie en de ‘crunch’ die deze snelle maaltijd lekker maken.

Wanneer: als ontbijt voordat je gaat trainen gaat doen of als eiwitrijke snack na een avondtraining (als je een lichte avondmaaltijd at).

4. Salade met gerookte kip, sla en kerstomaatjes

Kipfilet is echt spierballenkost: per 100 gram bevat het maar liefst 30 gram eiwit! Als je na een ochtendtraining dit als lunch of avondeten neemt, zorgt het ervoor dat de spieropbouw wordt gestimuleerd. Kies voor kant-en-klaar gerookte kipfilet en deze salade heb je in 5 minuten op tafel staan. Ideaal als je hongerig thuiskomt na een training, en je niet al je zuurverbrande calorieën er meteen weer wilt bij eten.

Wanneer: lichte maaltijd na het sporten. Perfect voor mensen die willen afvallen. Als je erg veel honger hebt, kun je nog een beetje gekookte pasta of kikkererwten door de salade doen.

5. Chocolademelk

Goed nieuws voor chocolade-lovers: een glas chocolademelk is een goede hersteldrank. De eiwitten zorgen voor spieropbouw, de mineralen calcium, magnesium en kalium zijn een weldaad voor je spieren en de suikers vullen je energie weer aan.

Wanneer: na een training, bijvoorbeeld hardlopen of een uurtje fitness.

6. Smoothie

Maak een smoothie van yoghurt en vers fruit. Heel lekker zijn de combinaties aardbei met mango, peer met framboos of banaan met  blauwe bessen. Voeg eventueel nog een scheutje sinaasappelsap toe om de smoothie wat dunner te maken. Een smoothie bevat zowel eiwit, als vruchtensuikers, vitamines en vocht en is daarmee een perfecte after-workout-snack.

Wanneer: snack na een pittige training, bijvoorbeeld een rondje hardlopen of een zumbales.

7. Krentenbol of mueslibol

Een krentenbol of mueslibol werk je snel even naar binnen als je wilt sporten rond etenstijd. De koolhydraten uit het meel en de rozijnen geven je de noodzakelijke energie voor een training. Omdat het een lichte maaltijd is, zullen je maag en darmen niet zo snel opspelen tijdens de training. Neem na het sporten dan nog wel een lichte maaltijd of snack, zoals een smoothie.

Wanneer: als lichte maaltijd voordat je gaat sporten. Een krentenbol kun je ook meenemen op een lange fietstocht of wandeling.

8. Water

Lest best! Water is en blijft de beste dorstlesser tijdens het sporten. De meeste mensen hebben geen sportdranken nodig bij het sporten. Alleen als je langer dan 1 uur gaat sporten, kan een sportdrank met koolhydraten handig zijn. Maar dat levert ook weer calorieën. Zeker als je wilt afvallen geldt: drink gewoon water.

bron: www.gezondheidsnet.nl

Athleta Projecten werkt samen met Universitair Medisch Centrum Groningen tijdens het project Slim door Gym

Sinds april is Athleta Projecten betrokken bij het project Slim door Gym. Het project wordt in samenwerking met het uitgevoerd op basisschool ‘de Wiekslag’ in Drachten.

Het hoofddoel van het project is het verbeteren van schoolprestaties van kinderen door middel van bewegingsonderwijs. Daarnaast worden
effecten gemeten op fysieke fitheid, motorische vaardigheden, cognitie en hersenfuncties. De uitkomsten van dit project moeten leiden tot meer informatie over welke vormen van bewegen het meest geschikt zijn in het basisonderwijs.

Het onderzoek wordt uitgevoerd door het Universitair Medisch Centrum Groningen, de Rijksuniversiteit Groningen
en de Vrije Universiteit Amsterdam in opdracht van het Ministerie van Onderwijs en de Hersenstichting.

Ook voor het volgend schooljaar zoeken we nog scholen. Bent u geïnteresseerd in deelname? We horen het graag.

Keihard gymmen voor de wetenschap – Friesland – LC[12787]